Zorgpreventie, gemeenten gaan het niet doen!

zorgpreventie

Voorkomen is beter dan blussen, leerden wij al jong. In de (jeugd)zorg geldt het niet anders. Met de decentralisaties in zicht, ligt het voor de hand dat gemeenten met hun nieuwe zorgtaken en bezuinigingstaakstellingen het nodige zullen willen uitsparen door in te zetten op preventie. Toch ziet het er naar uit dat dat niet of nauwelijks gebeurt. Hiervoor zijn diverse redenen.

Onzeker resultaat

Van veel preventieve maatregelen is onduidelijk of en in welke mate ze effect zullen hebben. Zo een positieve werking al wetenschappelijk bewezen is, is dat vaak niet bij gemeenten bekend. Bovendien is vaak onduidelijk onder welke omstandigheden iets ingezet moet worden. Als je uit meerdere preventiemiddelen kunt kiezen, welke is dan het beste?  Het is allemaal een beetje vaag en dan kun je er maar beter niet aan beginnen zal menigeen denken.

Regionale Transitie Arrangementen zitten in de weg

Overal in het land hebben gemeenten op regionaal niveau afspraken gemaakt met bestaande zorgaanbieders. De strekking is veelal dat zij de komende jaren hun omzet (minus een korting) behouden. Deze zorgverleners zitten relatief achterin de keten en doen traditiegetrouw weinig aan preventie. Zij komen namelijk pas in beeld als het probleem er al is. Er zijn wel organisaties die goed zijn aan de voorkant. Zij worden van oorsprong op een andere manier gefinancierd, bijvoorbeeld welzijn. Hier kan echter geen extra zorggeld naar toe geschoven worden, want dat zit vast in de transitiearrangementen, waarmee de bestaande aanbieders worden beschermd. Het omgekeerde kan overigens wel gebeuren. Als door de kortingen er een tekort ontstaat op de uitvoering van zorg, dan zouden gemeenten budget (van buiten het transitiearrangement), dat mogelijk ingezet zou kunnen worden aan de voorkant, kunnen gaan gebruiken om tekorten te dichten die ontstaan in de “traditionele” zorg. In plaats van meer, krijg je dan minder preventie.

Geen geld voor boeggolf

Wie nu extra wil uitgeven aan preventie, oogst het resultaat in de toekomst. Totdat de oogsttijd is aangebroken, is er sprake van dubbele kosten (de preventie + de nog niet afgenomen zorgkosten). Dit effect wordt wel het boeggolfeffect genoemd. Zoals vorige week nog aangegeven in de rapportages van de Rekenkamers van de G4, hebben steden hier geen geld voor gereserveerd. Met andere woorden: dan komt er dus ook geen preventie.

Resultaat laat lang op zich wachten

Wie vandaag investeert in preventie, heeft niet morgen al het resultaat. Echter, in een systeem dat gedreven wordt door een verkiezingscyclus van vier jaar is het wel wenselijk, zo niet noodzakelijk om binnen vier jaar resultaat te hebben. Indien dat niet zo is, dan is het niet erg interessant voor een wethouder om zijn nek uit te steken voor preventie. Veel meer applaus zal kunnen worden geoogst met het aanpakken van enkele acute schrijnende gevallen. Uiteraard moet er ook geld naar noden die er vandaag zijn, maar als dat het enige is dan is het penny-wise en pound-foolish.

Investeren in zorgpreventie is een must voor gemeenten. Toch denk ik niet dat het op korte termijn serieus gaat gebeuren.

 

 / Reacties uitgeschakeld voor Zorgpreventie, gemeenten gaan het niet doen!  / in Geen categorie

Comments are closed.